Je draait de kraan open en er komt drinkwater uit. Dat lijkt heel gewoon. Maar om ook in de toekomst genoeg drinkwater te hebben, zijn projecten in de natuur nodig. Rens Mense is projectleider Bron- en natuurbeheer bij Waternet. Hij vertelt over zijn werk en over de aanleg van natuurvriendelijke oevers.

We rijden met Rens door de Amsterdamse Waterleidingduinen. Het gebied waar we 66% van het drinkwater voor Amsterdam zuiveren. Onderweg laat hij zien hoe natuurvriendelijke oevers eruitzien, waar nieuwe oevers worden aangelegd en hoe we de grond uit deze projecten gebruiken. Dankzij de natuurvriendelijke oevers ontstaat er ruimte voor meer soorten planten en dieren.
Van schouwpad naar natuurvriendelijke oever
We rijden langs een dubbel schouwpad. Schouwpaden gebruiken we om een watergang – bijvoorbeeld een sloot, kanaal, of rivier - te controleren en te onderhouden. Eén van deze twee paden wordt weinig gebruikt. Daarom wordt een deel ervan vervangen voor een natuurvriendelijke oever.
Niet alles past op een tekening
Voordat we een natuurvriendelijke oever aanleggen, maken we profielen en bouwtekeningen. Een ingenieursbureau helpt bij het maken hiervan. Maar niet iedere situatie kunnen we vooraf vastleggen. Zo zijn de bodem, bereikbaarheid en beschermde soorten in het echt soms toch anders dan op de tekening. Hier schiet Rens te hulp. Hij schakelt tussen de aannemer en de ecologen en stuurt bij waar dat nodig is. Ook bewaakt hij de planning, het toezicht én het budget. Voor hem een perfecte combinatie: “Wat ik mooi vind aan mijn werk is dat ik een project van begin tot eind zelf mag begeleiden.”

Zevenduizend kuub grond
Bij de aanleg van de oevers komt ongeveer 6.000 kubieke meter grond vrij. Dat zijn zo’n 500 tot 700 vrachtwagenladingen vol. Die grond krijgt verschillende bestemmingen. Een deel gebruiken we voor bulten langs de waterkant. Een ander deel gebruiken we voor het repareren of ophogen van paden of gaat naar de opslag – het gronddepot - zodat we het later weer kunnen gebruiken.
De natuur weet het depot ondertussen zelf ook te vinden. In steile grondwanden kunnen zwaluwen nestelen en op de grond groeit een tijd weer van alles. Zo kan een opslagplek ook een waarde voor de natuur en omgeving krijgen.
Duurzaam uitvoeren in de duinen
Werken in een Natura 2000-gebied stelt ook eisen aan hoe het werk moet gebeuren. Rens: “We moeten dit project CO₂-neutraal uitvoeren. Dat is niet eenvoudig op een plek zonder laadpunten voor grote machines. De aannemer vond een oplossing in Zandvoort: een bedrijf met een zware stroomaansluiting brengt accustroomcontainers waarmee de elektrische kraan in de duinen kan draaien. Ook dat het vervoer van de accustroomcontainers gebeurt met elektrische vrachtwagens. Het is een serieuze uitdaging om dit helemaal elektrisch uit te voeren, maar het lukt dus wel.”

Een onzichtbare voorwaarde voor drinkwater
Wat merken klanten van het werk van Rens? Eigenlijk niet direct iets. Maar zonder maatregelen om de natuur te herstellen krijgen we geen vergunning voor de uitbreiding van de drinkwaterproductie. En zonder die vergunning kan Waternet niet méér drinkwater gaan maken. Goed natuurbeheer is dus heel belangrijk voor ons drinkwater in de toekomst. Rens vindt het bijzonder hoe gewoon drinkwater voor veel mensen is. Achter die vanzelfsprekendheid zit volgens hem veel werk dat klanten meestal niet zien.
Trots als alles samenkomt
Rens noemt niet 1 project waar hij het meest trots op is. Zijn voldoening zit in het geheel: een project dat goed loopt, verschillende partijen die met elkaar blijven communiceren en een uitvoering waar iedereen tevreden op terugkijkt. "Het leukste vind ik het als een project gewoon goed loopt. Als de communicatie goed gaat en iedereen prettig samenwerkt, dan ben ik tevreden."
Dat is de rode draad in zijn werk. Rens verbindt plannen met de praktijk, aannemers met ecologen en vindt oplossingen voor uitdagingen. Niet altijd zichtbaar, maar wel onmisbaar achter de kraan.
