1921 Bouw van de eerste rioolwaterzuivering en een gescheiden riool

In 1921 breidde Amsterdam zich uit. Dit was dé aanleiding voor het stadsbestuur en de polderschappen om te kiezen voor een gescheiden rioolstelsel en het schoonmaken van vies water.

Uitbreiding

1921 was dus een jaar waarin Amsterdam opnieuw een paar belangrijke besluiten nam voor schoon water in de stad. In dat jaar breidde Amsterdam zich uit naar de polders in het westen en het zuiden. Deze gebieden kennen we nu als Amsterdam-West en Amsterdam-Zuid.

Het vieze water werd nog steeds via de smeerpijp naar de Zuiderzee gebracht. Maar de smeerpijp kon de uitbreiding niet aan. Daarom werd het water ook dichterbij geloosd in sloten en vaarten in West, Zuid en de Watergraafsmeer. Maar het moest dus wel eerst schoon gemaakt worden voordat het terug de natuur in ging.

Gescheiden riool en een rioolwaterzuivering

Er werd voor het eerst een gescheiden rioolstelsel aangelegd. Het regenwater werd los van het vieze water opgevangen. Het vieze water zou eerst worden schoongemaakt in een rioolwaterzuiveringsinstallatie.

In 1921 werd de eerste waterzuivering overgenomen van de Electrische Trein Maatschappij in West. Hier kon het water zo worden schoongemaakt dat het vooral stank voorkwam.

Gescheiden riool