Bellenscherm in het Amsterdam-Rijnkanaal

Van experimenteel naar permanent
06 maart 2019

Op basis van een experimentele proef in de lange droge zomer van 2018 heeft Rijkswaterstaat eind 2018 een permanent bellenscherm geplaatst in de monding van het Amsterdam-Rijnkanaal ter hoogte van de Amsterdamsebrug en het gemaal Zeeburg. Het scherm dient om tijdens lange perioden van droogte de voorziening van zoet water veilig te stellen.

Bedreiging van de zoetwaterinname

Langdurige droogte zorgt voor een lagere afvoer op onze rivieren en hierdoor kan ook minder water via het Amsterdam-Rijnkanaal naar het noorden worden gestuurd. De zouttong op de bodem van het Amsterdam-Rijnkanaal, afkomstig van het IJ, dringt dan verder door naar het zuiden. Vanuit het Amsterdam-Rijnkanaal wordt door de omliggende waterschappen water ingelaten voor de landbouw en de natuur. Bij Loenen bevindt zich een inlaatpunt voor de drinkwatervoorziening van Amsterdam en omgeving. Als de zouttong verder zou oprukken, worden deze inlaatpunten bedreigd. Dit vormt een risico, want zowel landbouw als natuur hebben last van te zout water en bij zoet water hoeft maar 1% zeewater te worden bijgemengd om de landelijke drinkwaternorm al ruim te overschrijden.

Experimenteel bellenscherm

Tijdens de droge zomer van 2018 heeft Rijkswaterstaat met hulp van een aannemer en een duikteam tijdelijk een experimenteel bellenscherm geplaatst. Waternet heeft Rijkswaterstaat geholpen met het ontwikkelen van het idee, met de verkennende sommetjes om het principe van opdrijven van de zouttong te illustreren, met het kiezen van de locatie en met de uitvoering. Het experimenteel bellenscherm bleek het zout met 40% tegen te houden.

Permanent bellenscherm

De positieve uitkomst van de proef bood voldoende informatie en vertrouwen om eind november 2018 een permanent bellenscherm te ontwerpen, te bouwen en te plaatsen. Voor zover bekend is dit wereldwijd het eerste bellenscherm dat niet bij een sluis, maar in een kanaal is aangebracht. Door deze innovatieve techniek is veel minder water nodig om de zouttong tegen te houden en het aldus uitgespaarde water kan voor ander gebruik worden ingezet.

Werking

Zout water zakt naar beneden doordat het zwaarder is dan zoet water. Als het Amsterdam-Rijnkanaal vanuit de rivieren minder zoet water aanvoert, dringt het zoute water onderin het IJ verder het Amsterdam-Rijnkanaal in. Het permanente bellenscherm bestaat uit een lange, halfopen koker waarin meerdere slangen zitten. Door de gaatjes wordt lucht geperst, waardoor een scherm van omhoog stromende luchtbelletjes ontstaat. Met die luchtbelletjes wervelt het zoute water omhoog en mengt zich met het zoete water bovenin het kanaal, dat in de tegenovergestelde richting naar het IJ stroomt. Op deze manier wordt de verdere instroom van zout water over de bodem van het Amsterdam-Rijnkanaal tegengegaan.

Bellenscherm op maat

De 50.000 kilo wegende constructie, die op maat is gemaakt voor het Amsterdam-Rijnkanaal, is geplaatst op de kanaalbodem. In eerste instantie levert een aggregaat de energie voor de compressor. Later wordt het bellenscherm aangesloten op het elektriciteitsnet. Het gebruik en het effect van het scherm op het chloridegehalte zullen nauwgezet worden gemonitord. Ook zal worden bepaald wanneer het scherm kan worden aangezet en met wat voor intensiteit. Samen met Waternet zal nader worden verkend hoe de rest van het watersysteem het best kan worden beheerd tijdens langdurig droge perioden met weinig aanvoer vanuit de rivieren.

Doorgang voor vissen

Het Amsterdam-Rijnkanaal is een belangrijke migratieroute voor vissen. Direct langs de beide oevers is bewust een aantal meters vrijgelaten van belletjes, zodat vissen ongehinderd langs het bellenscherm kunnen zwemmen. De zoutindringing vindt vooral plaats langs de dieper gelegen bodem in het midden van het kanaal. Door de zijkanten vrij te houden van luchtbelletjes, is vismigratie mogelijk zonder dat daardoor de effectiviteit van het bellenscherm te veel wordt aangetast.

Frank Smits Onderzoeker